Onverwachte ontmoetingen

Als ecoloog heb ik het voorrecht af en toe naar buiten te mogen gaan om de natuur observeren. Hierdoor kom ik in uiteenlopende landschappen terecht met bijbehorende planten en dieren. Hoe simpel of saai een opdracht lijkt, door de variatie in de natuur gaat het nooit vervelen.

Zo had ik laatst een prikkelig veldbezoek. Letterlijk. Het gebiedje bestond voornamelijk uit hoge bomen. De ondergroei bestond voornamelijk uit speenkruid, fluitenkruid, brandnetels en frambozen. De laatste prikten door mijn kleding heen. De bomen leken in geen jaren gesnoeid te zijn. Aan de wilgen was een stukje geschiedenis af te lezen. De eerste meter heeft een aanzienlijker omvang dan de takken na de splitsing. Meerdere bomen vertakten zich op gelijke hoogte. Dit laat zien dat het hier vroeger waarschijnlijk een hakhoutbos of griend is geweest.

Maar juist op zulke momenten weet je dat je geen doorsnee baan hebt. En dat niet alleen, door mijn werk ontmoet ik veel inspirerende mensen en soms loop ik met veldwerk tegen onverwachte plant- en diersoorten aan. Soms schat je in dat je in een klein stukje leefgebied geen of hooguit één hazelworm zult vangen. Vang je er drie! En vind je zelfs een zandhagedisje. Of andere leuke soortjes zoals de heivlinder, kommavlinder, boskakkerlak en mieren in allerlei soorten en maten. Heel verrassend.

Om hazelwormen te vangen gebruiken we trouwens een soort rubberen golfplaatjes. Door de kleur van de plaat warmt dit plekje ’s ochtends het snelste op in de ochtendzon. Hazelwormen zijn koudbloedig en hebben zon nodig om actief te worden. Zo’n plaatje is daarom een ideaal plekje om eens lekker onder te gaan zitten. Tot de ecoloog langs komt en je even herplaatst. In Karels Tuin hebben we inmiddels ook twee golfplaatjes liggen. Helaas blijkt het hazelworm bestand niet erg hoog te liggen in de polder! 🙂 Wel komen we geregeld vuurwantsen tegen en is de eerste muis gesignaleerd.

Paddo’s in de polder

Dit verhaal begon bij een berichtje wat we kregen van @EstherTienhoven: “We gingen de schapen controleren en toen kwamen we iets geks tegen in het bos. We kunnen het niet plaatsen … jij?”

Wat zou dat zijn? Het lijkt wel rijp op een grasspriet, maar dat kan niet in de zomer. Hele kleine kevertjes misschien? Na wat research op internet komen we erachter. Het geks blijkt niets minder te zijn dan Witpootglinsterkopjes (Diachea leucopodia). Een minuscuul slijmzwammetje wat vrij zeldzaam is. Het plan is snel gesmeed: op zaterdagmiddag gaan we het zwammetje bewonderen.
Aangekomen op de boerderij gaan we op poldersafari in een oude Willy leger jeep. Een dergelijke auto rij je voor de fun, niet voor het comfort. Aangekomen op locatie treffen we een diversiteit aan planten aan. Een laagveenbosje waar weinig ingegrepen wordt door mensen. Langs een smal paadje, aan de voet van de boom is een groepje brandnetels en grassprieten overgroeit met iets wits. Het Witpootglinsterkopje! Alles is er mee bedekt, gras, brandnetels. Prachtig om te zien! Zoals de naam al aangeeft heeft het minuscule hoedje van elke paddenstoel een prachtig glanslaagje. Alleen met een goede macro-foto kun je dit zien.

Inmiddels schieten de paddenstoelen trouwens overal echt weer als paddenstoelen de grond uit. Vlakbij ons huis kun je duivelseieren vinden. Deze eieren zijn het begin van de grote stinkzwam.

Witpootglinsterkopje - Diachea leucopodia

Afbeelding 1 van 10

Een dag vol verassingen

Vandaag zouden we zogenaamde “zijwangen” voor onze Erdman Schmidt tent gaan kopen. Deze stukken doek kun je aan de zijkant van je tent bevestigen waardoor je een soort halletje krijgt naar buiten. In Drenthe woont Gjalt van der Wal die nog veel van ons al 15 jaar lang failliete favoriete tentenmerk verkoopt. We hadden hem gemaild met het type ritssluiting wat onze tent heeft. Hij had nog wel wat van deze flappen in bezit. Na een rit van anderhalf uur duiken we de bergplaats van een mooi Drents boerderijtje in, opzoek naar de begeerde onderdelen. Helaas, hoewel de ritssluiting overeen komt blijkt onze tent dusdanig oud (1993) dat de rits toch niet past. Of we interesse hebben in een ander model, vraagt de man. Hij heeft toevallig nog een tent -model Krekel- wat het grotere broertje is van onze huidige tent. Prijs komen we wel uit.
Hoe het gaat gaat het, maar een kwartier later staan we in zijn tuin een tent op te zetten. We zijn niet de enige die vandaag een oude tent bij hem kopen: nog 3 andere kopers staan in de tuin met een tent te stoeien. De tent is overcompleet met grondzeilen, speciale zalf voor je tentstokken en zelfs vlaggetjes. Zodra hij staat zijn we verkocht. Een prachtige grote tent! De eerste verassing van vandaag is een feit.

Na het “ophalen van de zijwangen” gaan we door naar het Dwingelderveld. Hier schijnt een grote populatie adders te zitten. Annette heeft via via wat plekken door gekregen. De eerste locatie bevindt zich langs een fietspad. Het lijkt wel of heel 65+ Nederland zich hier op dit moment op de fiets bevindt. Desondanks duurt het niet lang voordat Peter een klein vreugdedansje maakt. Een adder! Helaas zijn we veel te laat op de dag om goed foto’s te maken. De adders zijn nu helemaal opgewarmd en daardoor extra alert. Na een paar vlugge shots glijdt hij snel het struikgewas in.

Een vrouw komt naar ons toegelopen. Hebben jullie hem gevonden? luid haar vraag. Eh… ja, reageren we verbijsterd. Zien we er dan zo duidelijk als slangenzoekers uit?! U bedoelt die adders toch? reageert Peter. De vrouw kijkt onthutst. Adders….? Nee die geocache die hier moet liggen. We liggen in een deuk. Blijkbaar kun je toch op dezelfde plek zijn voor totaal andere redenen. De vrouw murmelt nog iets dat haar kinderen het zat zijn en neemt de benen.

Al snel vinden we meer adders. Vier stuks in totaal! Allemaal erg schuw, maar wat een prachtige beesten. We lopen nog even een stukje heide op en vinden klokjesgentiaan (Gentiana pneumonanthe) tussen de bloeiende struikhei en dophei.

We vervolgen naar locatie twee. Hier is het een stuk natter. We scoren de ene adder na de andder! (slecht woordgrapje, ik weet het). Soms staan we er bijna bovenop voor we ze zien. Topplaten worden het vandaag niet, daarvoor zijn ze veel te alert maar we zien er genoeg. Het resultaat van vandaag: 11 adders en natte schoenen voor Peter! We hadden gehoopt een adder te zien, maar zoveel is ook weer een pure verassing. We gaan voldaan naar huis!

Dieren in en rond de tuin

Nu de avonden lekker zijn om buiten te zitten kom je steeds meer dieren tegen. Zo ook in onze tuin. Vogels, insecten, vleermuizen, muizen, kikkers en padden er komt van alles langs. Onze tuin is zo ons klein natuurgebiedje geworden. Inmiddels is onze tuin zo bekend geworden dat we zelfs te vinden zijn op Google Maps. Zoek maar in Google naar Karels tuin. Uiteraard komt dit niet zomaar aanwaaien… hoewel komt het gros wel aangevlogen.

We hebben er wel wat aan gedaan om onze tuin zo aantrekkelijk mogelijk te maken. Zo hebben we tal van vogelkastjes opgehangen, een insectenhotel en laten we hier en daar wat onkruid staan. Bovendien hebben we een muurtje van natuurstenen langs onze oprit liggen. De padden en muizen zijn hier bijzonder blij mee. Ook de bladhoop die we onder onze treugwilg hebben liggen is inmiddels bewoont. Een egel heeft er zijn intrek genomen. We hadden er al een rieten egelhuis onder geplaatst, maar meneer vond de andere kant van de bladhoop geschikter. Zelfs het rommelige bedrijfsterrein van Schepkaas aan de Kerkweg heeft tegenwoordig bewoners: een paartje steenuilen. Zo zie je maar hoeveel natuur er vlakbij om je heen leeft.

Kiekendieven kieken

Wie bij Kampina meteen aan een melkproducent denkt moet nodig eens naar buiten. Vandaag zijn we in de Kampina geweest. Een natuurgebied met bos, heide en beekdalen in Noord-Brabant. Maarten, Arné en ik gingen vroeg op pad, om 7:00 stonden we op de parkeerplaats. Zonder koffie welteverstaan want die stond vergeten op de keukentafel bij familie Roest. Al snel zien we op de weilandjes langs het pad reeën. Ze hebben nu nog een woeste vacht vol vale plekken door het wisselen van de wintervacht in een zomervacht. Het moment is prachtig: dauw op het gras, vogels die de nacht weg fluiten, een specht die opzoek naar zijn ontbijt en er lustig op los tikt. Alleen het tikken van de camerasluiter en verder niets. De atmosfeer is adembenemend mooi.

Iets verder worden we compleet verrast. Een ree staat op enkele meters van het pad als we hem passeren. Een moment staart hij ons roerloos aan om vervolgens weg te sprinten het schemerige bos in. Op het pad vliegt een goudvink op. Ook al zo’n prachtig beest. Vanuit het bos lopen we richting een vennengebied waar een kijkscherm geïnstalleerd is. Opeens vliegt en pijlsnel iets over ons heen. Een visarend is op de plassen bezig geweest om vis te verschalken. Bij het kijkscherm zelf is niet veel te zien, wat eenden en ganzen bevolken de plas. Het weer is wat bewolkt en fris. In een boom vlakbij zit echter een gekraagde roodstaart te zingen. Blij met alles wat we hebben gezien lopen we richting de heide. We horen iets tjirpen. Met lange halen wordt het tjirpen herhaald. Als ik niet met van die vogelkenners op pad was geweest had ik gedacht dat er een reuze sprinkhaan in de bosjes had moeten zitten. Ik vergis me echter, het gaat hier om een vogel: de sprinkhaanzanger. Bij sommige vogels vraag je je af waar ze hun naam aan te danken hebben (neem nou bijvoorbeeld de merel) maar bij deze is het onmiskenbaar! We wachten en wachten, maar hoewel het vogeltje treiterend blijft zingen laat hij zich niet zien. Als we op het punt staan het op te geven zie ik in een flits iets door het gele gras heen schieten. We houden ons muisstil en wachten. Maar dan wordt het wachten beloond! In een omgevallen dennenboom hupt meneer van tak tot tak. Af toe kunnen we snel een glimp van hem opvangen. Prachtig!

Na een setje registratieplaten lopen we verder. Op de heide bungelt een leeuwerik in de lucht. Met sierlijke duikvluchten komt hij af en toe naar beneden. We proberen zijn buitelingen vast te leggen maar oh wat is hij snel! Verderop bij de vennen vinden we ronde zonnedauw. Hoewel hij nog op de rode lijst staat, zie je hem tegenwoordig steeds vaker. Hij is officieel sinds begin dit jaar ook niet beschermd. Een prachtig plantje groeit op een polletje veenmos middenin het water. Ik leun met mijn voeten op een pol gras. Ik moet met mijn armen reiken om het plantje goed scherp te krijgen. Nog ietsje dichterbij voor een goed shot. Ik voel beweging bij mij voeten en ja hoor. Ik zak dwars door de pol zo het moeras in. Natte voeten, schoenen en broekspijpen, heerlijk.

We gaan richting huis. We hebben zoveel gezien dat we het gevoel hebben er al een dag op te hebben zitten. Dat terwijl het nog maar 12:00 uur is. Dit is pas nuttig je tijd besteden! Thuis gekomen vieren we de belevenissen met wat broodjes kroket. We denken na wat we vanmiddag nog kunnen doen. Annette wil nu ook wel mee. Hoewel de lucht wat betrekt rijden we richting de Zouweboezem. Hier in het riet broeden wat paartjes bruine kiekendieven. Nog voordat we de auto hebben geparkeerd zien we al een mannetje aan komen vliegen. Hij lijkt neer te storten in het riet. We worden goed voorzien vanmiddag. Je hoort ze van ver al roepen: een hoge krijsende schreeuw. De vliegshow gaat continue door, het mannetje en vrouwtje wisselen we elkaar af. Er blijken minimaal 3 kiekendieven te vliegen. Het onderscheid is bij de vrouwtjes te zien. De ogen van het jonge vrouwtjes zijn bruinzwart, naarmate ze ouder worden worden de ogen geler. Dit zie je terug op de foto’s. Eentje maakt zelfs nog even een duikvlucht. We schieten leuke kiekjes en zo toppen we deze topdag nog eens extra goed af.

Video:

Fotos:

Kieviten speuren

Het is weer kieviten tijd! De zwart-wit gekleurde fladderaars zijn volop aanwezig in de polders. Net als voor hun betekend dit dat ook wij weer aan de slag zijn. We helpen een handje met het markeren van de nesten. Door om het nest heen twee stokjes met felgekleurde tape te plaatsen weet de boer waar hij een stukje om moet rijden als hij zijn land bewerkt. Vandaag vonden we weer flink wat nesten. Nu maar hopen dat de jongen het redden. Bescherming is belangrijk: de kieviten, maar ook andere weidevogels zoals grutto’s, tureluurs en veldleeuweriken broeden op akkers en weilanden. Door de bewerking van het land zoals ploegen en maaien gaan de nesten kapot en worden de jongen gehakseld in de maaibalk. Wanneer het grootste deel van de wereldpopulatie in Nederland broed, is bescherming belangrijk om de soort niet te laten uitsterven. Naast flink wat kilometers lopen op de akkers lopen hoort ook eindeloos turen naar het weiland om de zogenaamde nestblijvertjes te lokaliseren.

De natuur om ons huis komt ook weer flink in beweging. De eerste ringslangen zijn gespot evenals een kerkuil, bosuil, rietgors, een torenvalk, vleermuizen en pinksterbloemen.

Een van de vele kievitsnesten

Afbeelding 1 van 9

De stilte

Afgelopen zaterdag weer heerlijk even naar de Veluwe geweest. Vanaf de Aardhuisweg bij Uddel een prachtige wandeling door de bossen gemaakt. Overal zie je hoe de natuurlijk de lente aan het inademt. De eerste groene blaadjes verschijnen al aan de bomen. Het wild liet zich ook nog even zien, hoewel de herten nog erg wegvallen met hun wintervacht in het donkere bos. Met vijf edelherten, drie zwijnen en twee mandarijneendjes(?!) viel onze score in het niet bij de ongelooflijke aantallen wild die Pieter en Jacob diezelfde dag zagen. Desalniettemin een prachtige tocht. Na verloop van tijd begon het zachtjes te regenen waardoor zelfs de fluitende vogels niet meer te horen waren. Alleen maar het geluid van vallende druppels in een doodstil bos vol met mist. Prachtig!

De laatste zonnestraaltjes

Afbeelding 1 van 4

Al doende leert men…

Zachte blaffende geluiden. Geen geritsel of voetstappen. Ik luister nog eens goed: het komt dichterbij. Zou dat…? Echt waar…? Terwijl ik wakker wordt van deze geluiden en om me heen probeer te kijken ontdek ik wat de Sahel met je doet: mijn ogen voelen aan alsof ze gezandstraald zijn en op een heldere sterrenhemel na zie ik geen hand voor ogen.

‘Mijn zaklamp’ flitst het door me heen. ‘Waar is nou die felle zaklamp?’ Zodra ik mijn hand wil uitsteken naar de grond realiseer ik me dat ik buiten lig. Op een Hausa bed onder een klamboe. De klamboe is zorgvuldig ingestopt onder de matras om ongedierte als gekko’s, spinnen, loopkevers, schorpioenen en ander ongewenst gespuis uit m’n bed te houden. Snel naar een zaklamp op de grond grissen zit er niet bij. Fel is de meegenomen zaklamp evenmin en goede kwaliteit batterijen zijn lokaal moeilijk verkrijgbaar. Bovendien is het niet zonder risico om in het duister door de natuur te struinen waar onbekende giftige beesten op strooptocht zijn. Omdat ik mijn ogen amper open krijg door de droge lucht gemengd met fijn stof leg ik mij neer bij de situatie. Mijn lippen zijn gescheurd van de droge lucht die met een zwoele wind over het bed waait. Ik draai me om en blijf luisteren naar roepende woestijnvossen die vanaf twee locaties heel dichtbij zijn. Volgende keer toch die MagLite onder m’n kussen leggen!

De volgende morgen vinden we twee locaties waar de vossen holen hebben gegraven.

Indrukwekkende geweidragers

Tien jaar terug had ik nog geen mooie 300mm lens. Mijn glas beperkte zich toen tot een 200 mm kit lensje. (die jij nu hebt, Klaas-Jan) Geluk had ik wel die ene dag. Het is midden op de dag als ik in de zinderende hitte een een klein stukje heide oploop in Elspeet. Voor de ingewijde, het stukje heide vlakbij snackbar het tentje. Vlakbij zie ik vier indrukwekkende geweidragers. Allemaal nog prachtig in het bastgewei. Een 8-ender, 2 10-enders en zelfs een 14-ender, Zodra ze me in de gaten hebben zetten ze het op een lopen. Het hart klopt in mijn keel als ik beduusd mijn foto’s terug kijk. Meer informatie over deze prachtige dieren: hetedelhert.nl

Edelherten op heide in Elspeet
Edelherten op heide in Elspeet

Verblindende engerd

De hazelworm (Anguis fragilis) tref je vaak aan op zandpaden en asfaltwegen waar de zon opstaat. Op de warme ondergrond liggen ze relaxed te zonnen. Helaas met veel verkeersslachtoffers tot gevolg.

Dit beestje is overigens geen slang, hoewel hij daar veel van weg heeft. Het is een hagedis. De typische kenmerken van de slang zoals een gespleten tong ontbreken. Ook kan hij net als de hagedis zijn staart laten vallen bij dreiging.

Als je ooit een hazelworm wilt zien weet ik een uitstekende plek. Vlakbij Hammer, net over de Duitse grens. Sowieso een prachtige plek om een keer langs te gaan. Annette en ik kamperen vaak in het voorjaar bij Camp-Hammer, een prachtige camping midden in de Eifel. In het Duits heet hij trouwens “Blindschleiche”, iets wat verblindende engerd zou betekenen door zijn glanzende uiterlijk.

hazelworm (Anguis fragilis)
hazelworm (Anguis fragilis)

Loeren in het bos

’s Avonds gaan we het bos in om wild te spotten. Vanmiddag zijn we langs een wildkansel gelopen midden in het bos. We hebben goede hoop dat daar wat langs komt. Helaas is het bouwwerk niet sterk genoeg om twee personen te houden. Gelukkig hebben we ook een één-persoons schuiltent bij ons. Peter heeft deze vlak voor de vakantie op de kop weten te tikken. Daar zitten we dan. Annette in de wildkansel achter mij en ik in de schuiltent.

Notitie voor de volgende keer: een krukje meenemen! Na een half uur geknield te hebben gezeten switch ik toch maar naar kleermakerszit. Respect voor monniken die geknield mediteren. Die boomwortels onder de tent helpen ook niet bepaald. Maar dan loopt er opeens een edelhert voorbij! Gelukkig lukt het me om via het onderste kijkgat een foto te schieten. Ik probeer mijn camera op het statief voor het bovenste kijkgat te monteren. Zo’n schuiltent valt niet op, maar zo’n vierkante bewegende struik is toch wat te veel van het goede. Het hert sprint er vandoor terug het bos in.

De temperatuur in de tent begint inmiddels te stijgen. Naast de inspanning zorgt de natte bosbodem voor een hoge luchtvochtigheid. Het niet ademende polyester van de schuiltent zorgt voor een saunagevoel. Op de buitenkant landen de eerste dorstige muggen. Ik hoop dat ze de weg naar binnen niet ontdekken.

In de verte horen we raven. Dit kan beteken dat er een wolf in aantocht is! Raven volgen wolven vaak zodat ze een ‘graantje’ mee kunnen pikken als de wolf een prooi verschalkt. Met de pen van het logboek kan ik zo nu en dan de flap van de tentopening opzij schuiven om te controleren of er nog wild langs komt. Tot twee keer toe horen we vlakbij herten blaffen. Helaas blijft het daarbij. Als het te donker is om nog verder logboek te schrijven breken we op. Om 21:30 uur lopen we terug naar de auto. Onderweg naar de auto overrompelen we enkele herten die op enkele meters van ons vandaan het bos in stieren. Het is al te donker om ze nog te kunnen zien.

edelhert (Cervus elaphus)
edelhert (Cervus elaphus)

falderalderiere waterralderare

“Wat zou het gaaf zijn als we nu een roerdomp zien.” Hoor ik Maarten naast me verzuchten. “Wel jammer voor Annette die al vooruit gelopen is”, vervolgt hij.

We zien er niet uit, van onze kruin tot onze schoenen zit de modder. We hebben er een prachtige tocht opzitten door de uiterwaarden van Everdingen. En met veel succes, maar liefst vier waterrallen! Een pijlstaart, regenwulpen, watersnippen, buizerds, wintertalingen, slobeenden, aalscholvers, torenvalken, fazanten, reeën, zilverreigers en wat graspiepers. Kortom een topdag! We lopen naar de auto, nat van het languit achter je lens liggen in het natte riet, koud van het ijs wat her en der nog ligt. Het laatste stukje van het rondje gaat over de asfaltweg, terug naar de auto. Links van ons liggen de uiterwaarden, daarachter stroomt de Lek.

… “Misschien is het ook gewoon een kwestie van je ogen trainingen om ze te kunnen zien. Die roerdompen vallen echt niet op in het riet”, hoor ik mezelf zeggen. Halverwege de zin stop ik. Voor ons midden in een rietland staat een gouden standbeeld te midden van een zee van bruin. Terwijl ik mijn telelens voor mijn oog plaats zeg ik nog: “het zal toch niet?”
En ja hoor! Als kers op de taart staat midden in het riet de roerdomp!! En daar komt Annette met de auto aan! De roerdomp loopt rustig rond te banjeren en we kunnen hem uitstekend bekijken. Deze dag kan niet meer stuk!

Video:

Nachtbrakers

Laat je nooit misleiden door het woord ‘nacht’ in de naam van een dier. Deze viervleugelnachtzwaluw (Caprimulgus longipennis) kwamen we midden op de dag tegen in de woestijn.

We hadden ons voorafgaand aan onze reis goed ingelezen met onze Engelstalige reisgids over Niger. Toevallig vonden we bij de bronnen van de gids dat er een Nederlander had meegewerkt aan de sectie over vogels. Hij beheerde ook een database over de vogels die er voorkomen.

Na onze reis besloten we contact op te nemen met deze man. Wat wil het toeval? Hij woonde een paar huizen verder dan Hanna. Onze foto’s zijn nu onderdeel van de database: www.wabdab.org

viervleugelnachtzwaluw (Caprimulgus longipennis)
viervleugelnachtzwaluw (Caprimulgus longipennis)

Alpenanemoon

De Grote St. Bernhardpas verbindt het Zwitserse Val d’Entremont met het Italiaanse Valle d’Aosta. Ga je ooit die kant op, zorg dat je niet in de tunnel geraakt maar neem de slingerweg de berg over! Karel de Grote en Napoleon hebben deze pas te paard overgestoken. Een prachtige rit langs besneeuwde toppen, ijskoude watervalletjes en bergweides vol bloemen. Hier een foto van een alpenanemoon (Pulsatilla alpina). Onze Garmin autonavigatie vond de route overigens niet echt een succes. De hele toch heeft hij lopen kermen in zijn beste Italiaans dat we rechtsaf moesten slaan op Strada Statale del Gran San Bernardo. (een hele lange zin voor een navigatiesysteem)

alpenanemoon (Pulsatilla alpina)
alpenanemoon (Pulsatilla alpina)

Levendbarende hagedis

Dit zandhagedis vrouwtje (Zootoca vivipara) zat iedere dag te zonnen op een boomstam vlakbij ons vakantiehuisje in Wigny, Belgische Ardennen. Als je heel voorzichtig bewoog kon je steeds dichterbij haar komen met de camera. Met mijn Tamron 90 mm lens lukte het uiteindelijk om zo dichtbij te komen dat je zelfs de schubben op haar vingertjes ziet. Omdat de Tamron een vaste brandpunt afstand heeft betekend dit dat ik uiteindelijk ergens tussen de 5 a 10 cm moest geraken om dit plaatje te kunnen schieten.

levendbarende hagedis vrouwtje (Zootoca vivipara)
levendbarende hagedis vrouwtje (Zootoca vivipara)

Silurus glanis

In een waas zie ik een geel gevaarte langs mijn hoofd heen suizen. Een fractie van een seconde later klapt het blad van Annette’s peddel op het water. Vanaf dit moment gaat alles in slow-motion. Eerst een gigantische kolk. Dan een enorme plons, water wat overal heen spat, een gillende Annette en vervolgens een bijna kapseizende kano.  Verbijsterd staar ik voor me uit, de onderwatercamera nog in mijn hand waarmee ik net een foto aan het maken was. Ik hoor mezelf stamelen: … ik zei toch dat ie niet dood was?

Terug 5 seconden in de tijd, meneer Meerval geniet rustig van zijn middagdutje na een ochtendje jagen. Hier in deze inham in het riet kan niets hem storen. Geen reigers, boten of andere meervallen die hem kunnen irriteren. Rustig doezelt hij in slaap deinend op de stroming van de rivier de Biebzra. Een vredig leventje, al zegt hij het zelf. Echter…. als hij bijna in dromenland is wordt hij ruw gestoord. Een gigantisch geel gevaarte komt met een enorm geweld boven kop op het wateroppervlak vallen. Totale paniek barst los in zijn hersenpan. Met dat gele geweld boven hem moet hij naar beneden maar daar ziet hij een mensenhand een raar apparaat voor hem houden. Dan maar in de aanval, recht vooruit! Voor volk en vaderland!  Gelukkig! Hij weet zijn weg te vinden naar de diepte, weg bij deze onruststokers.

Even later kijk ik tijdens het peddelen de foto terug die ik met de onderwatercamera gemaakt heb. De vin op de foto is overduidelijk een meerval. De Europese meerval (Silurus glanis). Hij was springlevend. Ach het zal in de aard van de onderzoek(st)er zitten dat je alle dood-ogende dieren toch even moet controleren op polsslag. Maar stiekem had ik toch gelijk.

 

 

Culinaire uitspattingen: reisinspiratie

Tijdens onze reizen schrijven we een logboek waarin we verslag doen van onze avonturen. In een aantal blogposts selecteren we de leukste verhalen en avonturen met bijbehorende foto’s.

De feestdagen zijn een uitstekende gelegenheid om eens wat nieuwe recepten te proberen, geïnspireerd door reizen van het afgelopen jaar. Reizen biedt een gelegenheid om eens in een vreemde en nieuwe ‘keuken’ te kijken. In Polen gingen we eten bij Restauracja Pokusa in Białowieża (dorp). Het menu bestond uit koude roomsoep met gebakken aardappels of salade met eendenborst-filet (voorgerecht), hertengoulash met aardappelcake en haricotverts of eend in cider met rode bietjes en dumplings (hoofdgerecht). Als toetje kozen we een ijssorbet of een toetje met room, chocolade en suikerspin. Met een Oekraïens biertje (Peter) en een flesje cola (Annette) erbij smaakt het verrukkelijk.

In Belarus werden we onverwacht door onze gastheer, Sascha, in de watten gelegd. Hij had zich -in zijn vakantie!- uitgesloofd om ons de Nationale Belarussische gerechten te laten proeven. Bij aankomst had hij alvast avondeten voor ons gemaakt. In de oven staat aardappelschotel en gebraden eendenbouten. Wit-Russische gastvrijheid verklaren ze, we zijn verbaasd. In Nederland zal dit niet snel gebeuren als je een huisje huurt.

Op de dag van vertrek ontvingen we ’s ochtends een berichtje dat ze een verrassing voor ons hadden. Rond half elf een berichtje met het verzoek de oven aan te zetten!? Bij aankomst bleek waarom: we gingen eerst gezamenlijk uitgebreid dineren ’s ochtends om 11 uur. Aardappels en vlees uit de oven met een pittige knoflooksaus. We hadden geen honger op de terugreis.

Misschien wel het meest bekende (Bela)Russische gerecht is: borsjtsj! De eerste dag vorst en sneeuw van dit jaar waren voldoende voor een culinaire uitspatting: home made Zurek en Borsjtsj! Zowaar smaakt het ook nog een beetje zoals in Polen en Belarus. Met dank aan het recept van Sascha en een ruime interpretatie van translate.google.

31 december

Om het jaar mooi af te sluiten zijn we vanochtend toen iedereen nog op bed lag opgestaan. Een mooie wandeling door de bossen van Elspeet gemaakt. Het bos hing vol mist en alles was stijf bevroren. De afgevallen bladeren leken wel bestrooid met kristalsuiker. Glibberend over het grindpad zijn we bij Mennorode gestart. Een voettocht van zeker 15 kilometer verder hebben we gezien: 3 hindes, wat goudhaantjes, matkopjes, kleine bonte specht, raaf, eekhoorn en een prachtig herfstbos. Helaas was het grote wild foetsie. Was het het vuurwerk? Het einde van de bronst of de mist? In ieder geval nog nooit zo weinig gezien. De mooie bos plaatjes maken het toch nog een beetje goed.

Daarom iedereen bij deze een goed jaarwisseling gewenst en alvast een mooi, gezegend, wild-rijk 2017 toegewenst!

De beambte in shock

Tijdens onze reizen schrijven we een logboek waarin we verslag doen van onze avonturen. In een aantal blogposts selecteren we de leukste verhalen en avonturen met bijbehorende foto’s.

Op maandag reizen we naar Belarus. We zien vooral op tegen de grenscontrole, de wildste verhalen gaan daarover de ronde. De grenscontrole bestaat uit een aantal formaliteiten. Nadat Polen is verlaten steken we een rivier over en komen op Belarussisch grondgebied. De laatste van de totaal vijf controles aan deze zijde is de bagage en autocontrole. Voor het gemak staan de tafels klaar rondom de post. We hopen niet dat ze ons hermetisch gevulde Skoda helemaal gaan uitladen…

We worden ‘geholpen’ door een vrouwelijke beambte in strak blauw uniform, lang haar en hoedje. Ze gebaart dat ze de auto wil controleren. Annette haalt de bovenste laag van weekendtassen en slaapzakken uit de kofferbak. De beambte inspecteert te tassen en steekt haar hoofd in de kofferbak. Tussen de bagage ontdekt ze een vuilniszak. Ze trekt met een hand de zak open om te kijken wat erin zit en deinst meteen achteruit. Wat hebben die gekke Hollanders nu bij zich?!Een tondelzwam uit het bos? Jakkes!
Annette zegt met een zo onschuldig mogelijke gezicht iets over ‘souvenir’ en ‘forest’. Niet dat dat zin heeft want een andere taal dan Russisch lijkt de beambte niet te spreken. Ze lijkt het goed te vinden want we mogen de auto met paddo en al weer inpakken. Zo, dat was een makkie!