Tagarchief: Zeeland

Kwallensoep

Na een dagje in Zeeland naar klanten te zijn geweest is er niets heerlijker dan even stoom afblazen in Ouddorp. Het was warm en zonnig. Onderwater was het wel wat minder dan de vorige keer. Erg troebel en niet veel zicht. Wellicht dat de golfslag door het stevige windje hier voor zorgde, maar ik denk dat ook het toeristenseizoen het onderwaterleven niet veel goed doet. Desondanks was het weer prachtig. Er is onderwater minstens zoveel te zien van de natuur als bovenwater. Allerlei wezens met prachtige kleuren, vormen en gedrag. Er stonden prachtige anemonen met hun tentakels uit en ik zag meerdere zeenaalden. Wat wel een beetje vervelend was waren de ontelbare kwallen (met name zeedruiven) die in het water lagen. Vaak heeft dit eveneens met de wind te maken. Hoewel ze geen netelcellen hebben en dus niet kunnen prikken en bovendien prachtig licht pulseren vind ik het toch wat onaangenaam als je alleen nog maar kwallen door je duikbril ziet.

Opfrissen naast de kerncentrale

Mijn papa-dagen probeer ik altijd goed te besteden samen met Jente. Hoe gaaf is het om op zo’n dag niet ‘gewoon een beetje thuis op de bank te hangen’ maar waardevolle herinneringen te maken. Deze vrijdag ging mama voor haar werk richting Vlissingen. Jente en papa besloten haar even te brengen. En als je dan toch in Zeeland bent en je hebt óók nog warm weer dan maken we er gewoon een zwemdagje van.

Na Vlissingen waaiden we uit naast de kerncentrale van Borssele. Je hebt daar een strand genaamd ‘Kaloot’. Op dit strand spoelen regelmatig fossiele haaientanden aan. Het lukte ons er twee te vinden. Na flink wat zandtaartjes gegeten te hebben die Jente zonder ophouden bakte pakten we in en reden we door naar Koudekerke. Nu heeft Koudekerke weliswaar geen strand maar wel een fantastische bakker. Bakkerij Koppejan is inmiddels een begrip bij ons. En dan met name de met room gevulde bolussen.

Na onze auto te hebben geladen reden we door naar Ouddorp. Jente deed een goed slaapje en werd wakker toen we op ons vertrouwde plekje stopten. Helaas zag de lucht er dreigend uit. Toen we net in het water lagen met onze snorkel-sets begon het te plenzen. We twijfelden of we zouden inpakken maar gelukkig bleef het bij deze ene bui. Het water was extreem helder. Zonder duikbril kon je je voeten met gemak zien. We zagen prachtige diersoorten. Na even heerlijk gesnorkeld te hebben reden we door naar de Brouwersdam om onder het genot van een frietje zeehonden te kijken.

Helaas moesten we daarna naar huis voor Jente. De kans om ’s avonds laat zeevonk te zien was groot. Dit unieke verschijnsel staat al erg lang op onze wensenlijst. De volgende dag hielden we het niet langer en aangezien oma vrijwillig aanbood om op te passen maakten we van de gelegenheid gebruik en gingen naar Katwijk aan Zee. Het duurde lang maar tegen middernacht zagen we zeevonk. Niet in de golven maar wel in de poeltjes. Fotograferen lukte niet maar een kort filmpje laat heel even het spektakel zien. Wordt vervolgt!

Yerseke Moer

Als field-engineer (soort veldwachter) zit ik veel op de weg. Hoewel ik in principe voor de computers van klanten op pad moet kom ik ook wel eens echt in ‘the field’. Als je toch voor je werk naar Zeeland moet kun je uiteraard ook via een alternatieve route naar huis rijden. Zo ook deze week. Ik moest in Zeeland zijn en op de terugweg week ik even uit naar de Yerseke Moer. Dit gebied kent een rijke geschiedenis. De veenpolders zijn ooit door zeewater overspoeld en werden in de Middeleeuwen afgegraven om uit het veen zout te winnen. Het is een ruw landschap met veel kronkelige kreken, dijkjes, graslanden en poeltjes. Bovendien kwelt er regelmatig zout water op waardoor er prachtige vegetatie ontstaat. Ook aan vogels was er genoeg te zien: bergeenden, lepelaars, grutto’s, hazen, scholeksters, tureluurs. Zelfs een zeldzame tapuit liet zich even zien. Dit vogeltje broed in zandgebieden in oude konijnenholen. Helaas had ik weinig tijd om van al het moois te genieten. Ook het licht was erg fel. Toch was het heerlijk om even uit te waaien. Een mooi gebied om eens naar terug te gaan.

stoom afblazen

Ook deze week waren we weer hard aan het werk in Zeeland. Zoals wel vaker moesten we door de reistijd overnachten in een hotel. Aangezien de meeste hotels dicht zitten viel het niet mee dit te regelen. ‘Toevallig’ vond ik een hotel in Zierikzee die dichtbij de plek was waar ik eerder bruinvissen heb gezien. Nadat we dus snel hadden ingecheckt meteen doorgelopen naar de kust. En jawel na even speuren hadden we ze in het vizier. Overigens merk ik dat de fascinatie voor natuur besmettelijk werkt. Inmiddels zijn er al enkele collega’s besmet.

Dit virus is er in allerlei vormen, met milde verschijnselen tot hevige reacties. Enkele collega’s gaan zover dat ze inmiddels zelfstandig ’s ochtend vroeg zijn bed uit gaan om wild te spotten. Maar er is altijd baasje boven baas. Hoe leuk is om te kijken hoe ver je dan kan gaan.

Dus leek het me leuk om de tweede dag op de terug weg te gaan snorkelen in de Grevelingen. Dit hoewel de water temperatuur nog rond de 11 graden Celsius zit. Daar tegenover staat dat er momenteel geweldig zicht is voor de Nederlandse begrippen. En jawel er was een collega zo gek te krijgen dat hij het ook wel wilde proberen. Helaas hadden we maar één groot duikpak wat we samen moesten delen. Ik de tweede laag, mijn collega de eerste laag. Schoeisel waren slippers voor hem en duikschoenen voor mij. De eerste stap in het water was dus even een fysieke pijniging maar nadat we door waren konden we er heerlijk van genieten. Drie kwartier dobberde we rond voordat het echt te koud werd. Heerlijk opgefrist van een dag hard werken reden we voldaan naar huis.

Zeevarkens in Zeeland

Nu ik weer een serie projecten in Zeeland heb lopen moet ik regelmatig die kant uit. Over files hoef ik me momenteel niet druk te maken, iedereen rijd tegenwoordig netjes 100km/h en door de crisis is het enorm rustig.

Dit biedt natuurlijk kansen. Al lange tijd wilde ik graag een bezoekje maken aan studio Bruinvis. Een project van stichting Rugvin. Dit project op het havenhoofd van Zierikzee bied de mogelijkheid om naar passerende bruinvissen te luisteren. Er staat een soort praatpaal op de kade en een sonar ligt iets van de kust in het water.

En zo reed ik afgelopen week vanuit Ovezande ‘even’ om via Zierikzee. Het was mooi weer en rustig water. Via de havenweg liep ik naar de punt van het land. Je hebt daar een gebied genaamd Levensstrijd. Een prachtige wandeling langs een mooi stukje natuurgebied. Het was een gekwetter van jewelste door de vele vogels die in het gebied nog even aansterken voor ze op het nest gaan: grutto’s, tureluur, kievit, wulp, kluut, smienten, een lepelaar en tal van ganzen. Ook vlogen er veel graspiepers rond die zich goed lieten benaderen. Hoe mooi ook, hier kwam ik eigenlijk niet voor.

Bij de kust aangekomen kijk uit over de Oosterschelde. Helaas zie ik tot mijn teleurstelling alleen wat boten. De praatpaal heb ik snel gevonden maar een druk op de knop levert alleen een hoop ruis op met fragmenten van Duitse radio. Blijkbaar pikt de sonar meer op dan alleen dolfijnpraat. Gelukkig zie ik na even turen de kop van een zeehond boven komen. Het beest laat zich even zien maar duikt dan snel onder.

Ik slenter alweer wat terug als ik opeens iets zie. Een zwart puntje. Weer de zeehond? Maar nee, het zijn bruinvissen! Of zoals ze vroeger werden genoemd zeevarkens. Deze kleine dolfijn-achtige zoogdieren zijn vrij algemeen maar ik heb ze nog niet eerder in het wild gezien. De naam bruinvis is overigens compleet misplaatst: het zijn geen vissen en ze zijn grijs tot zwart. Vroeger noemde men echter alles wat in de zee leefde een vis en alle grauwe kleuren werden bruin genoemd.

Gedurende een uur komen de bruinvissen regelmatig even boven waarbij je hun driehoekige rugvin kunt zien. Als kers op de taart springt er eentje zelfs uit het water. Foto’s maken is een uitdaging want je weet nooit waar de bruinvis bovenkomt maar de ervaring is er niet minder om. Met een zak bolussen op de achterbak keer ik tevreden richting huis.

De kust, de zeeuwse kust

Zaterdag hebben we weer heerlijk gedoken in de prachtige Grevelingen. Aan de overkant van het weer regende het flink maar aan onze kant scheen de zon. De temperatuur van het water was lekker en onderwater barste het van het leven. Naast veel krabben, schelpdieren, sponzen, anemonen, wierslakjes en wieren kwamen we ook drie zeenaalden tegen. Twee kleintjes (Syngnathus rostellatus) en een grote (Syngnathus acus). Vooral de laatste is met zijn mooie tijgerprint en grootte een fantastische verschijning. De kop van de dieren lijken op zeepaardjes met de typische snuit. Prachtig om te zien hoe ze door het water rollen. Als ze dan ook nog even stil blijven liggen om een foto te schieten is de dag compleet!
Althans bijna dan, want even later zagen we een zeehond die het meer aan het verkennen was. Hij bleef wel nog op flinke afstand. Bij de Brouwserdam waren echter vijf zeehonden aan het vissen. Hoewel we niet dichtbij konden komen konden we ze toch goed zien omdat ze regelmatig vlakbij ons opdoken. Hoewel je haren ’s avonds als touw aanvoelen, je overal zand vindt en je overal schrammen hebt van de mossels is het heerlijk om zo te kunnen genieten van ons prachtige Hollandse water.