Afbeeldingen

En God schiep de mens

Wie de laatste tijd ’s nachts langs ons huisje fietst of loopt ziet regelmatig het licht branden. Niet omdat we op vakantie gaan, sterren zijn wezen kijken of vleermuisonderzoek gaan doen. Nee sinds vorige week maandag is er heel veel veranderd in ons huis. Een week voordat ze verwacht werd kwam Jente Karels ter wereld. Ons wonderlijke schepseltje kwam ter wereld met een ruige bos haar, een enorme partij stembanden en een prachtig gaaf gezichtje.

En dan staat even het leven op zijn kop. Voeden, zorgen, proberen te slapen en genieten. Van dichtbij zagen we hoe in een week een kindje zich ontwikkeld. Maar op vrijdag sloeg de schrik ons om het hart. Peters was op de bruiloft van Hendrik en Anne toen Annette met onze fantastische kraamhulp ontdekte dat er iets mis was met Jente. Er waren rode plekken onder haar armen gekomen. En dan gaat alles even heel snel: verloskundige bellen, halsoverkop naar het ziekenhuis en onderzoeken. We kampeerde met zijn drieën in het ziekenhuis. Een bacteriële infectie bleek. Een klein minuscuul organisme had ons kleine kaboutertje ziek gemaakt. Gelukkig sloegen de medicijnen aan en ging het snel beter. Zondagochtend mochten we weer naar huis.

En nu? nu genieten we weer met volle teugen van onze glimlachende nieuwe columnist voor dit blog. Overigens vanmiddag bij onze eerste wandeling meteen een ijsvogel gezien. Dus die natuurbeleving komt wel goed!

Verbouwingsavontuur – voorbereidingen

Vorig jaar namen wij de gok en kochten een huis. Kant en klaar was ons ‘droomhuis’ niet te vinden. Ondanks de (terechte) waarschuwingen van onze aankoopmakelaar Rob Mutters (“bezint eer ge begint!”) stapten we in een groot verbouwingsavontuur. In een aantal blogs laten we iets zien van hoe we dat hebben aangepakt. En het leukste: hoe het geworden is/wordt.

De voorbereidingen starten meestal met een enorme wensenlijst. En een budget. Door deze met elkaar te matchen wordt het budget en/of wensenlijst aangepast naar wat er mogelijk blijkt te zijn. Als uitgangspunt lieten wij onze wilde dromen en plannen uittekenen door Ria grafisch ontwerp in een interieurontwerp, voornamelijk voor de beneden verdieping. Hierdoor kregen onze ideeën meer vorm. Met een kleurenschema, indelingsontwerp en sfeerbeelden bereidden we de verbouwing voor. Het gewenste eindbeeld stond op papier, nu de technische uitvoering nog.

De uitvoering bereidden we voor door -per ruimte- een lijst te maken van alle nodige acties. Hieraan kun je een fasering, prioritering en budget hangen.  Super saai om te doen maar zodra je gestart bent met verbouwen ben je blij dat je het hebt gedaan! Als je het groots aanpakt zal je merken dat je aan het eind van je salaris nog een stuk maand over houd. Geld komt met druppels binnen en gaat er met emmers uit. Uiteraard krijg je er wat voor: pallets met bouwmateriaal die je veel werk bezorgen.

Voordat we startten hebben we het huis vastgelegd zoals het was: gebouwd en ingericht in 1985 en daarna nooit meer iets verandert. Geniet even mee!

Vledermuizen

Door de droogte waar we mee te maken hebben gehad zijn veel vleermuizen in de problemen gekomen.  Hun schuilplaats kan te warm worden door de vele langdurige zonuren waardoor ze genoodzaakt zijn overdag een andere schuilplaats of drinken te zoeken. Iets wat overigens ook bij nestkasten kan optreden.

Zo kregen wij ook een bezoekertje een tijdje geleden. Een jonge gewone dwergvleermuis  hing opeens in een boom in de tuin. In het Latijn heeft hij een veel leukere naam: Pipistrelllus pipistrellus. Ondanks goede zorg heeft Fipi het helaas niet gered.

Rond ons huis vliegen heel wat vleermuizen. Bij de buren ligt een gigantische hoeveelheid poepjes in het raamkozijn wat hun schuilplaats verraad. Ook een basale vleermuizenkast die we drie jaar terug hebben opgehangen is nu bewoont. Zelfs in Nieuwland op onze nieuwe stek hebben we al een slaapplaats ontdekt. Kom je daar ’s avonds in de tuin dan moet je bukken voor de jagende vleermuizen.

Vleermuizen hebben maar weinig ruimte nodig. Kleine holtes in een niet-gevoegde muur kan al voldoende zijn om als schuilplaats te worden gebruikt. Let op zwarte tic-tacs eronder of in de voeg en je weet waar ze zich ophouden. De poepjes zijn trouwens verrassend  interessant. Lineke Begeman doet momenteel onderzoek voor het Erasmus MC naar de overdraagbaarheid van ziektes van vleermuizen op mensen. Zij is hard opzoek naar poepjes. Voor meer informatie over dit onderwerp klik hier even: zoogdiervereniging.nl/zoonosen

Helaas hebben de foto’s bij dit artikel die de kwaliteit die jullie gewend zijn maar het blijkt met een smartphone makkelijker te zijn om in nauwe holtes te fotograferen dan met een spiegelreflexcamera.

Pauze

Nu het stucwerk lekker aan het drogen is zijn wij verplicht even rust te nemen. De verbouwing is in volle gang en inmiddels is vloerverwarming ingestort en de keuken gestuct. Nog even en er pronkt een nieuwe keuken in ons stulpje. Uiteraard is er weer een nieuwe landing bouwmateriaal nodig. En raad eens waar die spullen staan? Jawel! In Mormont (Erezee), in de Ardennen.
Een goed excuus om dus even een ritje die kant op te maken. Als je er toch bent kun je net zo goed even wandelen en van de natuur genieten.

Op vrijdag komen we laat aan. Aangezien de Kodiaq een tendermaster aan zijn staart heeft hangen gaat het niet harder als 90km/h. Annette mag het hele eind rijden want hoewel zwanger is ze in het bezit van een aanhanger-rijbewijs. Onderweg zien we tot 3 keer toe een ree en twee edelherten. Een goed begin van dit weekendje. Aangekomen laden we snel uit en ik spurt naar het dassenveldje. De vorige keer handen we hier een geweldige ontmoeting met Dirk Das, wie weet of dat nog een keer lukt! Een ree rent blaffend het veld af. Snel zet ik de camera in positie en maak het me comfortabel. Ik lig languit op een paadje wat recht naar het dassenhol loopt. Mijn lens gericht op de ingang van de burcht. Links van me is de berghelling rechts van mij het veldje. De tijd verstrijkt, het blijft rustig. Af en toe hoor ik wat maar het kan zijn dat ik me dingen ga inbeelden. Als het al tegen de schemer loopt wil ik even gaan verzitten. Ik richt me op en hoor een gigantisch kabaal op een twee meter links van me. In de berghelling is ook een burcht-uitgang. Een jonge das heeft blijkbaar besloten vandaag via de zijdeur naar buiten te gaan. Geschrokken van mij duikt hij direct weg. Ik zit muisstil en beweeg geen spier. Een kleine minuut later zie ik opeens een wit-zwart kopje boven het gat uitsteken. Ik kijk in de kraaloogjes van een das. Hoewel op zijn hoede zit hij duidelijk op zijn gemak rond te kijken. Hij snuift eens goed de avondlucht op. Daar lig je dan, op 2 meter afstand van een jonge das zonder haast met een camera voor je met een telelens van 300 millimeter erop. Onmogelijk om een foto te maken, maar wat een beleving. Het duurt niet lang of de jonge das trekt zich weer terug.

Dag twee maak ik een prachtige wandeling door de mist. Af en toe ziet ik een hert wegrennen of hoor ik iets. Ik besluip een hinde die niets vermoedend gras staat te knagen. Later op dag wordt het warm. We pakken de auto in en genieten van de natuur rond het huis: vleermuizen in de spouwmuur, behangersbijen die hun nest maken in het muurtje van het terras, een wolfspin die met haar eikapsel loopt te slepen, vuursalamanders, beversporen, een grote weerschijnvlinder die langs vliegt en Welriekende nachtorchis bij de buren.

Bokkepruiken en gezwam

Je hebt het vast wel eens, je gaat vrijdag wat vroeger uit je werk om op zoek te gaan naar zeldzame pruikzwammen. Heb je met redelijk nauwkeurige aanwijzingen de plek waar ze volgens de overlevering groeien gevonden, staat na een uur zoeken de teller nog op 0! Vandaag was dus zo’n dag. Na honderd pruikzwam-loze dikke eiken en beuken te hebben gezien begin ik de moed te verliezen. Uiteraard is het complete incompetentie van mijn kant, dat ik ze niet vind. Nog een honderd bomen verder verleg ik de focus op andere zwammen en paddo’s. Hier in het Renkums beekdal groeien er talloze. Doordat de natuurbeheerders dood hout laten liggen een eldorado voor paddenstoelen.

En dan… juist op het moment dat ik voor een mooi setje honingzwammen op je buik lig, de camera helemaal goed hebt ingesteld, mijn adem inhoud en klik hoor ik achter me mensenstemmen. Er is een soort dwingende logica voor zulk soort zaken. Hoe kan het toch dat altijd precies hét moment opeens een kudde mountainbikers voorbij komt razen. Dat opeens een complete kleuterklas gillende kinderen uit de bosjes komt rennen of een horde dolle honden besluit dat tussen jouw lens en het object de beste plek is om een gat te gaan graven. Het is voor mij een raadsel.
Maar dit keer viel het mee. Met mijn vriendelijkste gezicht zeg ik goedendag toen twee dames met hun hondje langs komen wandelen. Dan de vraag, of ik die bosuil een eentje verderop heb gezien.
Ze wijzen me de weg naar de uil, met instructies die variëren van die derde boom rechts, vlak voor de beek rechtsachter wordt ik het bos ingestuurd. Ik moet toegeven, het kost me alsnog een tijdje voor ik het uiltje gevonden heb maar wacht een prachtbeest! Slapen tegen de stam van een els zit hij verscholen achter de takken zijn middagdutje te doen. Hij trekt zich niets van me aan en ik kan heerlijk foto’s schieten. Zo veranderd een mislukte zoektocht opeens in een verassing!

En voor wie de exacte GPS-coördinaten van die pruikzwammen heeft, ik houd me alsnog aanbevolen!

bosuil (Strix aluco)

Bontkraagjes in de bergen

Je kunt hier zo ver weg kijken, hier moeten wel marmotten zitten. Peter ziet de eerste. Heel in de verte kunnen we duidelijk een groot knaagdier zijn hol in zien rennen. Dan ziet Annette een dikke vette marmot uitgevloerd op een rots liggen. Zijn pels lijkt wel extra dik zoals hij ligt. Hij zit op loopafstand. Peter tijgert er op af. Al snel blijkt dit bontkraagje niet alleen te zijn. Een hele familie heeft hun intrek gedaan in deze berg.

Het zou racistisch zijn om te benoemen dat de marmot eigenlijk allochtoon is voor Spanje, maar de marmot is geïmporteerd uit de Alpen voor de jacht. Als Peter te dichtbij komt heeft de leider van de groep er genoeg van. Hij gaat hoog op zijn achterste poten staan en gilt moord en brand. In een ogenblik zijn alle pluizenballen verdwenen in de talloze holen. Behalve onze dikke vriend. Die draait zich nog even rustig om. Hij laat zich duidelijk niet gezeggen en blijft macho op de rots liggen. Peter kan hem goed benaderen en probeert hem van achteren te besluipen. Als Peter heel dichtbij komt besluit hij toch maar binnen verder te slapen. Hij schiet de rots af. Peter sprint het laatste stukje en loopt om de rots heen. Onze dikkerd had dit duidelijk niet verwacht. In de deuropening van zijn hol kijkt hij toe waar die asociale bruut gebleven is die zijn middagdutje durft te verstoren. Zonder dat hij weet dat die ondertussen achter hem staat. Op anderhalve meter afstand kijkt Peter naar een dikke harige kont en staart. Maar met een telelens en converter daarop geschroefd begin je in zo’n geval niets. Het enige wat overblijft is geruisloos de converter er tussen uit te halen. De eerste klik echter is voor de marmot als een pistool wat geladen wordt. In een fractie van een seconde draait hij zich om en staart met grote ogen verblind van schrik naar een gigantisch wezen die daar met zijn camera staat te tobben. Het volgende moment is hij verdwenen. Foeterend en tierend wellicht zit hij daar nu nog in zijn hol over hoe dit hem heeft kunnen gebeuren. Het zal hem lang bijblijven.

 alpenmarmot (Marmota marmota)
het bondkraagje
Valle de Hecho
Valle de Hecho
 alpenmarmot (Marmota marmota)
alpenmarmot (Marmota marmota)

Builenbrand jummie!

Tijdens onze poldersafari’s (niet te verwarren met wandelen) komen we nog wel eens wat tegen. Zo liepen we van de week langs een maisveld en viel mijn oog op iets grijs. Ik wist dat ik het wel eens eerder op een plaatje had gezien. Even Googlen leverde resultaat op: builenbrand. Een schimmel die de maisplant parasiteert. Hoewel die heerlijke middeleeuwse naam anders doet vermoeden is het geen probleem voor de volksgezondheid. Er gaan wel wat spookverhalen te ronde maar de sporen van de schimmel zelf zijn niet giftig. Wel kunnen op de builen nieuwe schimmels groeien die soms wel giftig zijn.

In Nederland zie je het niet vaak. Dit komt omdat de schimmel warme zomers nodig heeft om goed te gedijen. Daarnaast moet het tijdens de zomer een periode flink droog zijn geweest. Bij droogte ontstaan scheurtjes in de maisplant en kan de brandschimmel binnendringen. In Midden-Amerika doet de schimmel het wel goed. Daar wordt hij zelfs gekweekt. In Mexico worden de aangetaste, onrijpe kolven als een delicatesse gegeten, waar het huitlacoche wordt genoemd. Je kunt het zelfs ingeblikt kopen. Zelfs online, hier bijvoorbeeld.