Galerijen

Zwijnen in de spotlight

De verbouwing van ons stulpje gaat goed door alle hulp die we krijgen. Na drie weken bouwvakken is het echter de hoogste tijd om eens lekker te ontspannen. Voor ons betekend dat kilometers struinen door de natuur. Dit keer gingen Henk en ik wandelen in Elspeet. Een prachtig stukje Veluwe waar we inmiddels elk pad wel kennen. De auto-thermometer geeft maar liefst 31 graden Celsius aan als we uitstappen bij Mennorode. Al snel zien we reeën. Ook opvallend veel insecten: groentjes, dagpauwogen, bont zandoogjes en groene zandloopkevers. Even later zien we een zwijn door de begroeiing banjeren. Hij blijkt niet alleen te zijn, maar liefst 80 zwijnen zien we deze avond!

Het mooiste moment volgt even later. We zitten bij een weitje te posten. Aan het eind van het veld lopen wat zwijnen te wroeten. Opeens een geritsel achter ons. Bertus Big stapt vol zelfvertrouwen door het struikgewas. Vanavond zal hij ze eens laten zien wie het stoerste zwijn van het bos is! Zonder blikken of blozen stapt hij het weitje op. Hij bedenkt zich echter en besluit eerst nog even lekker wat teken van zijn rug te schuren bij die boom vlakbij. Pas als hij op luttele meters van de boom is verwijderd waar wij verrast zitten toe te kijken ruikt hij onraad. Hoort hij daar de sluiter klikken van een Canon-EOS-60-D-met-300-millimeter-lens-en-teleconverter!?! Even staat hij verschrikt, als aan de grond genageld. Dan rent hij gillend met staart omhoog terug het bos in. Dan maar even wat minder stoer.

Zaterdag ben ik nog maar een keer geweest, nu met Annette. Uiteraard moesten we even langs het VVV in Elspeet om zo’n lief zwijntje in knuffelvorm te kopen voor op de babykamer. Want zeg nu zelf, ze mogen woest zijn maar zien ze er niet gigantisch knuffelbaar uit?

Hitsige heikikkers en andere kwakers

De eerste week van april is het op veel plekken zover: de temperatuur stijgt iets waardoor kikkers en padden op slag verliefd worden. Dit is niet alleen te zien aan de grote hoeveelheid platgereden exemplaren op het asfalt of dubbeldekkers in de sloot. De heikikkers verraden hun verliefdheid doordat ze van kleur veranderen: van bruin naar lichtblauw! Een bijzonder verschijnsel.

De heikikker is een algemeen voorkomende, niet bedreigde kikkersoort die Europese bescherming geniet. Desondanks zijn ze veel minder bekend dan hun luidruchtige groene of bruine kikkerneefjes/-nichtjes. Twee jaar geleden hadden wij al geruchten gehoord dat de heikikker in de polder achter ons huis moest voorkomen. Een zoektocht vorig jaar leverde wat verdachte geluiden op, maar een waarneming kwam er niet. Tot afgelopen zondagmiddag tijdens een korte wandeling in het lente zonnetje.

Langs het druk bereden fietspad hoorden we het bekende geblob (als een fles die je onder water duwt) van de heikikker. Na wat speuren zagen we de blauwe jongens in de sloot en op de oevers zitten. Zodra je te dichtbij komt zijn ze meteen vertrokken. Wist je dat alleen de mannetjes heikikkers verkleuren in de paartijd? En als je goed oplet zie je binnen enkele honderden meters aan beide kanten van het pad meer dan 30 heikikkers zitten. Hoe hebben we die al die jaren over het hoofd kunnen zien!?
Natuurlijk is er op een zonnige middag in april nog meer te beleven in de polder. Ook de bruine- en groene kikkers blijken al flink wat kikkerdril gelegd te hebben. De ringslangen liggen weer op te warmen in het zonnetje. Zo zie je maar dat de ogenschijnlijk eentonige vlakke polder vol verrassingen zit!

Piepers in de polder

Het is maart en dat betekent dat ook de grutto’s weer terug in ons land zijn. Het onmiskenbare gepiep ‘gruttooo, gruttooo, utto-utto-utto’ wordt weer gehoord. Na zo’n 5000 kilometer vliegen komen ze vanuit Senegal en Guinee-Bissau terug naar de voor hun vaste stekjes in onze weilanden. Uitgeput storten ze zich hier op de regenwormen en andere insecten. Al een paar jaar probeer ik foto’s te maken van deze prachtige vogels maar erg lukken wilde dat tot nog toe niet.

Tot ik vorige week een zondagmiddag wandeling in onze ‘achtertuin’ maakte. Wat een verrassing! Op het land van familie de Bruin was een pompinstallatie neergezet om het weiland blank te zetten. Hierdoor wordt een weiland omgetoverd in een plas-dras weiland. De plas-dras is erg belangrijk voor onze gasten uit Afrika! In de natte weilanden kunnen ze gemakkelijk met hun snavel in de modder porren. Zo kunnen ze hun afgetrainde buikje weer snel vullen met overheerlijke sappige regenwormen. De plas zat dan ook meteen vol met bezoekers: wintertaling, smienten, ganzen, wilde eenden en zowaar grutto’s en tureluurs!

Onze Aquila schuiltent komt nu heel goed van pas! Helaas is het nog niet zo lang licht, maar als het even kan zit ik in de tent aan de rand van de plas. Heerlijk om het ’s ochtends licht te zien worden met uitzicht over een blinkende spiegel waar af en toe wat doorheen hupt. Bijvoorbeeld een grutto vrouwtje met ringen aan haar poten. Deze is geringd door Astrid een paar weilanden verderop. Zelfs twee baltsende grutto’s kwamen even poseren. Op het toppunt zaten er maar liefst 22 grutto’s!

In het spoor van de das

Terwijl we in Nederland nog maar net onze auto ’s ochtends hoeven te krabben, ligt er in België nog gewoon sneeuw. Sterker nog, enkele dagen geleden sneeuwde het er nog. Omdat we toch in de ‘buurt’ waren hebben we een nachtje geslapen in Mormont (Érezée). In dit pittoreske plaatsje weten we inmiddels een paar locaties waar dassen wonen. Dassen houden geen winterslaap, maar zijn in de winter wel een stuk minder actief. Desondanks waren er in de verse sneeuw tal van pootafdrukken te vinden. Uiteraard hebben we de nachtcamera opgehangen vlakbij een spoor. En jawel hoor, de volgende dag hadden we een filmpje van zo’n mooie zwart-witte zwerver. Iets minder fortuinlijk ging het zijn familielid(?) af. De volgende dag vonden we hem in een veldje verderop. Blijkbaar was er al een beest aan het slepen geweest met het karkas van de dode das want er ging een bruinrood spoor door de sneeuw.

Herten spotten valt momenteel ook niet mee. Met hun donkere wintervacht vallen de reeën en edelherten weg tegen de zwart witte achtergrond. Daarbij vormen de edelherten nu grote roedels. Je ziet er dus geen één, of een heleboel tegelijk. Wij hadden het geluk een roedel te spotten. Weliswaar geen grote geweidragers (die vormen aparte roedels, los van de hindes) maar toch fantastisch om te zien!

Achttien oranje ogen

Tussen de groene en oranje wordende blaadjes zie ik een bruin kopje. Diep oranje ogen met daarin zwarte pupillen kijken me nijdig aan. Twee oorpluimen die geen echte oortjes zijn omhoog gespitst.
De laatste middagzon schijnt af en toe net op een geel bruin verenkleed. Zachtjes valt een braakbal met daarin een compleet muizenskelet op de parkeerplaats. Het was vanmiddag werkelijk genieten. Niet één, nee, maar liefst negen ransuilen hebben hun winterverblijf gevonden vlak voor de deur bij Esther. Daar zitten ze in alle stilte te wachten tot het laat genoeg is om vleermuizen of muizen te gaan vangen. Zo tegen het eind van de herfst zoeken uilen elkaar op en gaan ze op zogenoemde roestplekken zitten. Blijkbaar vonden deze uilen een boom in het midden van een woonwijk een geschikte plek. Ik vraag me dan af of ze daar met elkaar geen mot over maken. Zoiets als: “ik zei nog dat dit geen goede boom was. Jij moest zo nodig deze boom kiezen.”

Hoe het ook zij, het levert prachtige beelden op. Esther, hartelijk dank dat je dit met ons wilde delen!

Ontmoetingen in de polder

Om te genieten in de natuur hoef je niet ver te gaan. Op slecht 6 kilometer hierbij vandaan ligt een prachtig plekje: de Bolgerijsekade. Rond de Bolgerijskekade liggen mooie weilanden omgeven met grienden vol wilgen, elzenbosjes en populierenopstanden. Er lopen veel reeën in het gebied en er zitten tal van vogelsoorten. Iets voorbij de T-splitsing van de Bolgerijsekade en Kostverlorenweg kun je parkeren en vandaar neemt een wandelpad je mee de polder in. De slootjes staan voor krabbenscheer en in de natte stukjes loofbos groeien tal van paddenstoelen. De slootkanten begroeit met kattenstaarten en zwanenbloemen. Halverwege de route kom je langs een kijkscherm, maar het uitzicht over de plas water erachter is niet veel soeps. Veel interessanter is het hoornaar-nest vlak langs de route. Het zit netjes weggewerkt in een hol in een knotwilg. De knotwilgen zijn hier prachtig bekleed met dubbelloofvaren.

Vooral tegen de schemer bij de ondergaande zon is dit een prachtige plek om te zijn. De rust en stilte zijn fenomenaal. Een uil roept in de verte, een paar buizerds die vechten, een winterkoninkje wat dapper zijn territorium verdedigt. Op zo’n moment bekruipt je een gevoel wat niet in woorden is te vatten. Zoiets kan je alleen ervaren. Vooral na een dag werken kom je hier heerlijk weer tot jezelf. Hier kun je even je gedachten op een rijtje zetten. Even met God praten. Even luisteren naar de wind. Even genieten van de laatste rode zonnestraaltjes. Heerlijk!

de Viaanse put

Terwijl je van het huidige herfstweer ook redelijk in de put kan raken zijn we enkele weken geleden nog letterlijk in de put geweest. De Viaanse put wel te verstaan, onder de rook van de A2 ligt pal naast de rivier de Lek deze recreatieplas. Een plekje waar veel mensen even een frisse neus halen of de hond uitlaten maar ook een prima plek voor een frisse duik. Door de zandbodem is het water er prachtig blauw. Vlak bij de rand is de bodem vrij ondiep maar in het midden van de plas moet het vrij diep zijn. Toen we er een keer gingen duiken hebben we de bodem niet gered. Vooral op de rand tussen het ondiepe en diepe gedeelte voel je de kou je tegemoet komen.

We gingen naar het mooiste plekje om te snorkelen. Vanaf de parkeerplaats links en dan in het gebied waar je hond vrij los kan lopen meteen richting de waterkant. Er is daar onderwater een schiereilandje wat erg mooi begroeid is. Je kunt het zelfs op de satellietbeelden van Google Maps zien liggen.

Al vrij dicht bij de kant zwommen een karper en een snoek haastig weg. Helaas alleen een registratiefoto kunnen maken. Een grote baars wilde wel uitgebreid poseren. Ook de honderden voorntjes zorgde voor wat aangename plaatjes. Hier en daar een zwanenmossel of wat zebramossels en het is heerlijk genieten.

Voorntjes (Cyprinidae sp.)

Paddo’s in de polder

Dit verhaal begon bij een berichtje wat we kregen van @EstherTienhoven: “We gingen de schapen controleren en toen kwamen we iets geks tegen in het bos. We kunnen het niet plaatsen … jij?”

Wat zou dat zijn? Het lijkt wel rijp op een grasspriet, maar dat kan niet in de zomer. Hele kleine kevertjes misschien? Na wat research op internet komen we erachter. Het geks blijkt niets minder te zijn dan Witpootglinsterkopjes (Diachea leucopodia). Een minuscuul slijmzwammetje wat vrij zeldzaam is. Het plan is snel gesmeed: op zaterdagmiddag gaan we het zwammetje bewonderen.
Aangekomen op de boerderij gaan we op poldersafari in een oude Willy leger jeep. Een dergelijke auto rij je voor de fun, niet voor het comfort. Aangekomen op locatie treffen we een diversiteit aan planten aan. Een laagveenbosje waar weinig ingegrepen wordt door mensen. Langs een smal paadje, aan de voet van de boom is een groepje brandnetels en grassprieten overgroeit met iets wits. Het Witpootglinsterkopje! Alles is er mee bedekt, gras, brandnetels. Prachtig om te zien! Zoals de naam al aangeeft heeft het minuscule hoedje van elke paddenstoel een prachtig glanslaagje. Alleen met een goede macro-foto kun je dit zien.

Inmiddels schieten de paddenstoelen trouwens overal echt weer als paddenstoelen de grond uit. Vlakbij ons huis kun je duivelseieren vinden. Deze eieren zijn het begin van de grote stinkzwam.

Witpootglinsterkopje - Diachea leucopodia

Afbeelding 1 van 10

Een dag vol verassingen

Vandaag zouden we zogenaamde “zijwangen” voor onze Erdman Schmidt tent gaan kopen. Deze stukken doek kun je aan de zijkant van je tent bevestigen waardoor je een soort halletje krijgt naar buiten. In Drenthe woont Gjalt van der Wal die nog veel van ons al 15 jaar lang failliete favoriete tentenmerk verkoopt. We hadden hem gemaild met het type ritssluiting wat onze tent heeft. Hij had nog wel wat van deze flappen in bezit. Na een rit van anderhalf uur duiken we de bergplaats van een mooi Drents boerderijtje in, opzoek naar de begeerde onderdelen. Helaas, hoewel de ritssluiting overeen komt blijkt onze tent dusdanig oud (1993) dat de rits toch niet past. Of we interesse hebben in een ander model, vraagt de man. Hij heeft toevallig nog een tent -model Krekel- wat het grotere broertje is van onze huidige tent. Prijs komen we wel uit.
Hoe het gaat gaat het, maar een kwartier later staan we in zijn tuin een tent op te zetten. We zijn niet de enige die vandaag een oude tent bij hem kopen: nog 3 andere kopers staan in de tuin met een tent te stoeien. De tent is overcompleet met grondzeilen, speciale zalf voor je tentstokken en zelfs vlaggetjes. Zodra hij staat zijn we verkocht. Een prachtige grote tent! De eerste verassing van vandaag is een feit.

Na het “ophalen van de zijwangen” gaan we door naar het Dwingelderveld. Hier schijnt een grote populatie adders te zitten. Annette heeft via via wat plekken door gekregen. De eerste locatie bevindt zich langs een fietspad. Het lijkt wel of heel 65+ Nederland zich hier op dit moment op de fiets bevindt. Desondanks duurt het niet lang voordat Peter een klein vreugdedansje maakt. Een adder! Helaas zijn we veel te laat op de dag om goed foto’s te maken. De adders zijn nu helemaal opgewarmd en daardoor extra alert. Na een paar vlugge shots glijdt hij snel het struikgewas in.

Een vrouw komt naar ons toegelopen. Hebben jullie hem gevonden? luid haar vraag. Eh… ja, reageren we verbijsterd. Zien we er dan zo duidelijk als slangenzoekers uit?! U bedoelt die adders toch? reageert Peter. De vrouw kijkt onthutst. Adders….? Nee die geocache die hier moet liggen. We liggen in een deuk. Blijkbaar kun je toch op dezelfde plek zijn voor totaal andere redenen. De vrouw murmelt nog iets dat haar kinderen het zat zijn en neemt de benen.

Al snel vinden we meer adders. Vier stuks in totaal! Allemaal erg schuw, maar wat een prachtige beesten. We lopen nog even een stukje heide op en vinden klokjesgentiaan (Gentiana pneumonanthe) tussen de bloeiende struikhei en dophei.

We vervolgen naar locatie twee. Hier is het een stuk natter. We scoren de ene adder na de andder! (slecht woordgrapje, ik weet het). Soms staan we er bijna bovenop voor we ze zien. Topplaten worden het vandaag niet, daarvoor zijn ze veel te alert maar we zien er genoeg. Het resultaat van vandaag: 11 adders en natte schoenen voor Peter! We hadden gehoopt een adder te zien, maar zoveel is ook weer een pure verassing. We gaan voldaan naar huis!

Onze eerste geocache!

Afbeelding 1 van 13

Onze eerste geocache!

Kiekendieven kieken

Wie bij Kampina meteen aan een melkproducent denkt moet nodig eens naar buiten. Vandaag zijn we in de Kampina geweest. Een natuurgebied met bos, heide en beekdalen in Noord-Brabant. Maarten, Arné en ik gingen vroeg op pad, om 7:00 stonden we op de parkeerplaats. Zonder koffie welteverstaan want die stond vergeten op de keukentafel bij familie Roest. Al snel zien we op de weilandjes langs het pad reeën. Ze hebben nu nog een woeste vacht vol vale plekken door het wisselen van de wintervacht in een zomervacht. Het moment is prachtig: dauw op het gras, vogels die de nacht weg fluiten, een specht die opzoek naar zijn ontbijt en er lustig op los tikt. Alleen het tikken van de camerasluiter en verder niets. De atmosfeer is adembenemend mooi.

Iets verder worden we compleet verrast. Een ree staat op enkele meters van het pad als we hem passeren. Een moment staart hij ons roerloos aan om vervolgens weg te sprinten het schemerige bos in. Op het pad vliegt een goudvink op. Ook al zo’n prachtig beest. Vanuit het bos lopen we richting een vennengebied waar een kijkscherm geïnstalleerd is. Opeens vliegt en pijlsnel iets over ons heen. Een visarend is op de plassen bezig geweest om vis te verschalken. Bij het kijkscherm zelf is niet veel te zien, wat eenden en ganzen bevolken de plas. Het weer is wat bewolkt en fris. In een boom vlakbij zit echter een gekraagde roodstaart te zingen. Blij met alles wat we hebben gezien lopen we richting de heide. We horen iets tjirpen. Met lange halen wordt het tjirpen herhaald. Als ik niet met van die vogelkenners op pad was geweest had ik gedacht dat er een reuze sprinkhaan in de bosjes had moeten zitten. Ik vergis me echter, het gaat hier om een vogel: de sprinkhaanzanger. Bij sommige vogels vraag je je af waar ze hun naam aan te danken hebben (neem nou bijvoorbeeld de merel) maar bij deze is het onmiskenbaar! We wachten en wachten, maar hoewel het vogeltje treiterend blijft zingen laat hij zich niet zien. Als we op het punt staan het op te geven zie ik in een flits iets door het gele gras heen schieten. We houden ons muisstil en wachten. Maar dan wordt het wachten beloond! In een omgevallen dennenboom hupt meneer van tak tot tak. Af toe kunnen we snel een glimp van hem opvangen. Prachtig!

Na een setje registratieplaten lopen we verder. Op de heide bungelt een leeuwerik in de lucht. Met sierlijke duikvluchten komt hij af en toe naar beneden. We proberen zijn buitelingen vast te leggen maar oh wat is hij snel! Verderop bij de vennen vinden we ronde zonnedauw. Hoewel hij nog op de rode lijst staat, zie je hem tegenwoordig steeds vaker. Hij is officieel sinds begin dit jaar ook niet beschermd. Een prachtig plantje groeit op een polletje veenmos middenin het water. Ik leun met mijn voeten op een pol gras. Ik moet met mijn armen reiken om het plantje goed scherp te krijgen. Nog ietsje dichterbij voor een goed shot. Ik voel beweging bij mij voeten en ja hoor. Ik zak dwars door de pol zo het moeras in. Natte voeten, schoenen en broekspijpen, heerlijk.

We gaan richting huis. We hebben zoveel gezien dat we het gevoel hebben er al een dag op te hebben zitten. Dat terwijl het nog maar 12:00 uur is. Dit is pas nuttig je tijd besteden! Thuis gekomen vieren we de belevenissen met wat broodjes kroket. We denken na wat we vanmiddag nog kunnen doen. Annette wil nu ook wel mee. Hoewel de lucht wat betrekt rijden we richting de Zouweboezem. Hier in het riet broeden wat paartjes bruine kiekendieven. Nog voordat we de auto hebben geparkeerd zien we al een mannetje aan komen vliegen. Hij lijkt neer te storten in het riet. We worden goed voorzien vanmiddag. Je hoort ze van ver al roepen: een hoge krijsende schreeuw. De vliegshow gaat continue door, het mannetje en vrouwtje wisselen we elkaar af. Er blijken minimaal 3 kiekendieven te vliegen. Het onderscheid is bij de vrouwtjes te zien. De ogen van het jonge vrouwtjes zijn bruinzwart, naarmate ze ouder worden worden de ogen geler. Dit zie je terug op de foto’s. Eentje maakt zelfs nog even een duikvlucht. We schieten leuke kiekjes en zo toppen we deze topdag nog eens extra goed af.

Video:

Fotos:

De kust, de zeeuwse kust

Zaterdag hebben we weer heerlijk gedoken in de prachtige Grevelingen. Aan de overkant van het weer regende het flink maar aan onze kant scheen de zon. De temperatuur van het water was lekker en onderwater barste het van het leven. Naast veel krabben, schelpdieren, sponzen, anemonen, wierslakjes en wieren kwamen we ook drie zeenaalden tegen. Twee kleintjes (Syngnathus rostellatus) en een grote (Syngnathus acus). Vooral de laatste is met zijn mooie tijgerprint en grootte een fantastische verschijning. De kop van de dieren lijken op zeepaardjes met de typische snuit. Prachtig om te zien hoe ze door het water rollen. Als ze dan ook nog even stil blijven liggen om een foto te schieten is de dag compleet!
Althans bijna dan, want even later zagen we een zeehond die het meer aan het verkennen was. Hij bleef wel nog op flinke afstand. Bij de Brouwserdam waren echter vijf zeehonden aan het vissen. Hoewel we niet dichtbij konden komen konden we ze toch goed zien omdat ze regelmatig vlakbij ons opdoken. Hoewel je haren ’s avonds als touw aanvoelen, je overal zand vindt en je overal schrammen hebt van de mossels is het heerlijk om zo te kunnen genieten van ons prachtige Hollandse water.